Your browser version is outdated. We recommend that you update your browser to the latest version.

Aansluiten op de netwerksamenleving

De logica van burgernetwerken en passende vormen van democratie

Datum: 26/10/15

Door: Sasker de Roos


 

Naast de kansen die de netwerksamenleving biedt voor het openbaar bestuur, biedt zij ook enkele uitdagingen voor onze democratie. De staat legitimeert haar handelen namelijk op basis van het mandaat van de kiezer. Het ontstaan van de netwerksamenleving heeft echter grote gevolgen voor het verkrijgen van dit mandaat en daarmee de legitimiteit van onze representatieve democratie. Burgers lijken steeds sneller van mening te veranderen en laten zich maar moeilijk vangen in verkiezingsprogramma’s.

Onze representatieve democratie reduceert de complexiteit van onze samenleving daarom veel te vroeg in het proces. Onze verkiezingen reduceren de meningen van burgers tot een stem voor de politieke programma’s van de partijen en de daar in opgenomen standpunten. Nog voor het algemeen belang bepaald gaat worden tijdens de coalitie onderhandelingen. Dit creëert een schijnbare overzichtelijkheid die de rijkheid van de publieke opinie teniet doet om haar hanteerbaar te maken voor onze representatieve organen.

 

Overzichtelijkheid en duidelijkheid zouden echter niet het uitgangspunt van democratie moeten zijn, maar het product: een gedeelde visie op welke belangen zich allemaal aandienen, hoe zij met elkaar samenhangen en een besluit over hoe we daar gezamenlijk orde in willen brengen. Burgers geven niet voor niets steeds vaker aan hierbij in veel sterkere mate betrokken te willen worden.

Tevens maakt de (door het ontstaan van de netwerksamenleving) toegenomen complexiteit het er niet gemakkelijker op voor overheden. Er lijkt steeds meer nodig te zijn om succesvol in te grijpen in maatschappelijke processen. Met uitblijvende resultaten en perverse effecten als gevolg. Wat voor burgers nog een extra reden vormt om zich af te wenden van een onmachtige staat en zich terug te trekken in het private domein.

Als de overheid tenslotte ook nog eens de energie van burgers, die het heft in eigen handen nemen, wil inzetten voor de participatiesamenleving ontstaat daardoor een nog grotere druk op onze democratie.

 

Naar een participatiesamenleving met ANT

Voor gemeenten die willen aansluiten op de netwerksamenleving kan het netwerkperspectief van Actor-Network Theory (ANT) een uitkomst bieden. Deze andere blik op de samenleving en democratie helpt namelijk het mandaat van politici te verbeteren en onze democratie te verrijken. Dit door het democratische proces te herzien en de verschillende rollen anders op te delen en toe te wijzen aan de verschillende actoren. Volgens ANT-onderzoekers zoals Huub Dijstelbloem betekent dit dus wel dat de overheid en politici hun rol op een andere manier zullen moeten vormgeven.

 

Netwerken die zich ontwikkelen in politieke controversen

In het netwerkperspectief  op de samenleving staan namelijk politieke controversen centraal, niet groepen kiezers met heldere standpunten die gerepresenteerd moeten worden in politieke arena’s zoals de gemeenteraad of tweede kamer. Paul ’t Hart (opgave 15) noemt dit ook wel de verschuiving van het primaat van de politiek naar het primaat van vraagstukken. In die controversen ontstaan namelijk netwerken die zich verzamelen rondom zaken van belang. Rondom problemen, uitdagingen en kansen die (nog) onzeker en open-ended zijn en die vervolgens nog een ontwikkeling moeten doormaken - voor problemen moet nog een oplossing tot stand komen, een uitdaging moet men nog het hoofd bieden en kansen moeten daadwerkelijk nog gegrepen worden. Politici zullen volgens ANT daarom de ontwikkeling van deze netwerken moeten volgen (en begeleiden). Zodat zij positief kunnen bijdragen aan het verloop van het proces waarin een controverse zijn oplossing vindt - opdat er een stabiel netwerk ontstaat dat publieke waarde creëert en in stand houdt.

 

Controversen overschrijden grenzen

In de netwerksamenleving van vandaag blijken deze netwerken zich steeds vaker te onttrekken aan de traditionele (ruimtelijke, ideologische, economische of beleidsmatige) scheidslijnen binnen de samenleving. Op verschillende momenten verenigen telkens weer andere mensen zich rondom een gedeelde uitdaging of politiek vraagstuk, al naar gelang die uitdaging zich ontwikkelt door nieuwe inzichten of er nieuwe uitdagingen ontstaan. Elk onderwerp verenigt zijn eigen netwerk en elk netwerk verandert continu van samenstelling.

De groepen die vragen om democratische representatie verschillen dus telkens. Op het ene moment zullen misschien alleen de bewoners van een wijk van belang zijn in een gemeentelijk besluitvormingsproces. Terwijl op het volgende moment bijvoorbeeld ook bewoners uit een andere gemeenten zich willen betrekken op dat proces, omdat zij daar de gevolgen van menen te ondervinden (als belanghebbende). Tegelijkertijd kunnen ook nog eens de scheidslijnen binnen die netwerken gaan verschuiven. Omdat de controverse zich ontwikkelt (door technologische of sociale innovaties en veranderingen) zullen bijvoorbeeld voor- en tegenstanders op een andere manier in hun belangen geraakt gaan worden waardoor zij besluiten een ander standpunt in te nemen.

 

Aansluiten op de netwerksamenleving: een publiek spel

Kortom, democratische representatie betekent in de netwerksamenleving niet dat politici spreken en gemeenten per se handelen namens alle bewoners van hun grondgebied, maar dat zij spreken en handelen namens de netwerken of publieken die zich verenigen rondom een ‘publieke zaak of controverse’. Uiteraard is daarbij altijd een overstijgend algemeen belang aan de orde zodra gemeenschappelijke middelen of waarden zoals democratie en rechtvaardigheid een rol spelen. In een controverse rondom de democratie en rechtsorde van een gemeente vormen uiteraard alle inwoners het publiek. Kaderstelling blijft daarom altijd een belangrijke taak van de gemeenteraad.

Om aan te kunnen sluiten op de netwerksamenleving zullen politici en ambtenaren snel moeten kunnen schakelen en een meer flexibele en open houding moeten aannemen in de wijze waarop zij burgers benaderen. Hiervoor zullen zij moeten accepteren dat de definitie van politieke vraagstukken verandert in verloop van tijd en dat daardoor de publieken en hun belangen die om representatie vragen zullen veranderen. Het publiek gaat namelijk niet vooraf aan het democratisch proces, maar krijgt juist daarin vorm: in het gezamenlijke streven onze leefomgeving vorm te geven moeten we ontdekken op welke voorwaarde men aan welke ambities wil meewerken. Het collectief dat zich zal inzetten voor het algemeen, oftewel gedeelde, belang krijgt dus pas vorm bij het democratische besluit om dat op een concrete wijze te realiseren. Elke keuze die daarin wordt gemaakt heeft gevolgen voor wie daardoor geraakt wordt en hoe netwerken zich verder zullen gaan vormen.

 

 

Dit betekent dat gemeenten actief op zoek moeten gaan naar de nieuwe publieken die ontstaan. Zij zullen elk vragen om hun eigen vorm van representatie in het bepalen van collectieve oplossingen. Elke ronde in het spel creëert namelijk weer nieuwe spelers die een volgende ronde willen spelen – m.a.w. de oplossing van elke controverse creëert weer een nieuwe controverse en een nieuw publiek dat het recht claimt om gerepresenteerd te worden in democratische besluitvorming (aanwezig te zijn voor anderen). Het is niet langer voldoende eens in de vier jaar om een mandaat van de kiezers te vragen. Alleen door continu te blijven volgen hoe het samenlevingsnetwerk zich ontwikkelt valt te achterhalen wat dit betekent voor het gemeentelijke mandaat en dus haar ambities en processen.

 

Ingrijpen in de netwerksamenleving?! Door erkenning van haar eigen karakter!

De netwerksamenleving laat zich wellicht niet controleren, maar zij laat zich wel masserend beïnvloeden door daar op aan te sluiten volgens haar eigen logica. Uiteraard kunnen gemeenten hun invloed wel degelijk laten gelden in het publieke spel van de netwerksamenleving. Daarvoor is het echter nodig dat overheden beseffen dat politieke processen primair eigendom zijn van de samenleving zelf. Het ingrijpen van de overheid daarin is slechts gelegitimeerd door de mate waarin zij de daarin bestaande belangen representeert en tegemoet komt.

Door actief betrokken te zijn op de ontwikkeling van de publieken kunnen gemeenten ontdekken welke belangen op dat moment spelen en hoe zij zich ontwikkelen. Hierdoor kan er een beeld ontstaan van wat de gemeente hierin kan bijdragen, welke ambities daarin passend zijn en hoe men die eventueel dichterbij zou kunnen brengen.

 

 

Gemeenten zullen dan netwerken ontdekken die zich laten inzetten voor gemeentelijke ambities en zij zullen initiatieven op het spoor komen die slechts ondersteuning behoeven om die ambities dichterbij te brengen.

Eenmaal stevig verankerd in de netwerksamenleving zal de gemeente hoogstwaarschijnlijk merken dat inwoners best openstaan voor de waarschuwingen en suggesties van politici en ambtenaren. Zolang burgers maar niets (zonder verklaring) wordt opgedrongen en zij zelf (mede) kunnen bepalen wat er moet gebeuren.

 

Netwerksturing

Openbaar bestuur wordt op die manier een vorm van netwerksturing. Gemeenten zullen hun relatie met inwoners moeten gaan opvatten als samenwerkingsverbanden waarin bevelsrelaties geen plek hebben. De macht van het zwaard maakt plaats voor inhoudelijke expertise en strategische allianties. Binnen netwerken kan sturing alleen plaatsvinden vanuit gelijkwaardige posities.

Dit zal echter geen eenvoudige opgave zijn. In het bijzonder niet voor de gemeenten die van alle kanten worden beperkt in hun mogelijkheden. Op veel punten zullen de verplichtingen vanuit de hogere overheden grote beperkingen opleggen aan hun vrijheid om dit publieke spel lokaal te spelen, bijvoorbeeld wanneer het gaat over juridische verantwoordelijkheid en de daarbij horende aansprakelijkheid. Maar veel belangrijker: gemeenten beschikken vaak nog niet over de juiste kennis en kunde om die nieuwe rol in te vullen. Het vergt namelijk heel andere competenties om vanuit een gelijkwaardige positie richting te geven aan netwerken van actieve burgers.

 

Democratie anders

Aansluiten op de netwerksamenleving betekent daarom dat ook onze democratie zal moeten veranderen. Inwoners zullen meer invloed willen op de inhoud van het democratisch proces alvorens zij ‘zich voor de het karretje van de gemeente laten spannen’. Gemeenteraden zullen dan niet bang moeten zijn dat burgers op hun stoel gaan zitten. ‘Terugtreden’, ‘loslaten’ en ‘ruimte bieden’ betekent ook een verantwoordelijkheidsverschuiving binnen de democratie. Waarbij, zoals in een volgend blog zal worden besproken, de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad verschuift naar de rol van vormgever en begeleider van het democratische proces.

 

 

Wil je op de hoogte worden gehouden van nieuwe blogs? Volg ons op LinkedIn

Cookie-beleid

Deze site maakt gebruik van cookies om informatie op uw computer op te slaan.

Gaat u akkoord?